Duurzaam werken betekent dat je je werk zo organiseert dat het minder energie, grondstoffen en uitstoot kost: zuinig met stroom en verwarming, minder afval, bewuster inkopen en slimmer reizen. Het begint vaak met kleine stappen op kantoor, maar voor veel bedrijven gelden ook wettelijke verplichtingen. In dit artikel lees je waar je kunt beginnen, wat de regels zijn en hoe je collega’s meekrijgt.
Wat is duurzaam werken?
Met duurzaam werken bedoelen we in dit artikel werken met oog voor het milieu: een milieuvriendelijke werkplek en een duurzaam kantoor. Het gaat om de impact van je organisatie op energie, grondstoffen, afval en mobiliteit.
Let op het verschil met een term die erop lijkt. Duurzame inzetbaarheid gaat over mensen: of medewerkers gezond, gemotiveerd en productief kunnen blijven werken, nu en in de toekomst. Dat is een heel ander onderwerp. Lees daarover meer in het artikel over duurzame inzetbaarheid.
Waarom duurzaam werken loont
Duurzaam werken levert op meerdere vlakken iets op:
- Lagere kosten. Minder energie- en papierverbruik zie je direct terug op de rekening.
- Minder uitstoot en afval. Een kantoor verbruikt stroom, warmte, papier, koffie en apparatuur. Elke besparing telt mee.
- Voldoen aan de regels. Voor kantoren en grotere energieverbruikers gelden wettelijke eisen.
- Een prettigere werkplek. Daglicht, goede ventilatie en planten maken een kantoor zowel duurzamer als aangenamer.
- Aantrekkelijk werkgeverschap en een sterkere positie bij klanten en opdrachtgevers die duurzaamheid belangrijk vinden.
Duurzaam werken is dus niet alleen iets voor grote bedrijven met een eigen duurzaamheidsmanager. Ook een klein team in een gehuurd kantoor kan veel doen, juist omdat de lijnen kort zijn. Het belangrijkste is dat je begint met wat binnen je eigen invloed ligt en het daarna stap voor stap uitbreidt.
Wat zegt de wet over een duurzaam kantoor?
Duurzaamheid is voor bedrijven deels een vrije keuze, maar niet helemaal. Drie regels zijn voor veel kantoororganisaties van belang. Controleer altijd de actuele stand bij RVO, want regels en drempels veranderen.
Energielabel C voor kantoren
Volgens RVO moet een kantoorgebouw sinds 1 januari 2023 minimaal energielabel C hebben. De verplichting geldt voor kantoorgebouwen vanaf 100 m² en staat in het Besluit bouwwerken leefomgeving. Voldoet het gebouw niet, dan mag het niet meer als kantoor worden gebruikt. Huur je je kantoor, bespreek dit dan met de eigenaar.
Energiebesparingsplicht
Verbruikt je organisatie op een locatie jaarlijks meer dan 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m³ aardgas (of een equivalent daarvan), dan geldt de energiebesparingsplicht. Volgens de veelgestelde vragen van RVO moet je dan maatregelen uitvoeren die zich in 5 jaar of minder terugverdienen. Daarnaast rapporteer je eens per 4 jaar via de informatieplicht welke maatregelen je hebt genomen.
Rapportage over werkgebonden personenmobiliteit
Organisaties die op 1 januari van het vorige kalenderjaar minimaal 100 werknemers hadden, moeten volgens RVO sinds 1 juli 2024 jaarlijks gegevens aanleveren over zakelijke reizen en woon-werkverkeer van hun medewerkers. De deadline is 30 juni over het voorgaande jaar. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat wil de verplichting laten vervallen voor organisaties met 100 tot 250 werknemers; tot daarover is besloten, raadt RVO aan de gegevens te blijven verzamelen.
Energie besparen op kantoor
Energie is voor de meeste kantoren de grootste milieupost en ook de plek waar je het snelst resultaat boekt.
Verlichting
- Vervang oude lampen door ledverlichting.
- Gebruik aanwezigheidsdetectie in ruimtes die niet continu bezet zijn, zoals toiletten, gangen, opslag en vergaderruimtes.
- Maak gebruik van daglicht en zet lampen bij ramen op een daglichtsensor.
Apparatuur
- Stel computers en schermen in om na korte tijd naar de slaapstand te gaan.
- Zet printers, koffieautomaten en schermen buiten werktijd uit, bijvoorbeeld met een tijdschakelaar.
- Let bij vervanging op energiezuinige apparatuur en vervang niet eerder dan nodig.
- Ga na wat er ’s nachts en in het weekend aan stroom wordt verbruikt. Dat sluipverbruik verrast vaak.
Verwarming, koeling en ventilatie
- Stem verwarming en koeling af op de werkelijke bezetting. Bij hybride werken staan op sommige dagen hele verdiepingen leeg.
- Concentreer medewerkers op rustige dagen op één verdieping, zodat je de rest kunt laten zakken in temperatuur.
- Laat de installaties regelmatig onderhouden en goed inregelen.
- Houd ramen en deuren dicht als de verwarming of airco aan staat.
Groene stroom
Kies voor stroom uit duurzame bronnen en kijk of er mogelijkheden zijn voor zonnepanelen op het dak. Bij een huurpand ga je daarover in gesprek met de verhuurder.
Afval verminderen en recyclen
De beste afvalaanpak begint bij het voorkomen van afval. Daarna komt hergebruik, en pas dan recyclen.
- Print alleen wat echt nodig is en stel dubbelzijdig printen in als standaard. Werk zo veel mogelijk digitaal.
- Vervang wegwerpbekers door mokken en glazen, en zorg voor een waterkraan of watertappunt.
- Zet duidelijke scheidingsbakken neer voor papier, plastic en drankkartons, restafval en gft. Zorg dat ze op logische plekken staan, bijvoorbeeld bij de pantry en de printer.
- Lever oude elektronica in bij een erkend inzamelpunt of laat het opknappen, zodat apparaten een tweede leven krijgen.
- Maak afspraken met de cateraar over minder verpakkingen en minder voedselverspilling.
Duurzaam inkopen
Wat je koopt, bepaalt een groot deel van je impact. Een paar uitgangspunten:
- Kies voor kwaliteit en een lange levensduur boven de laagste prijs.
- Overweeg gebruikt of gereviseerd kantoormeubilair en refurbished laptops en telefoons.
- Kies voor papier met een keurmerk voor verantwoord bosbeheer of gerecycled papier.
- Gebruik milieuvriendelijke schoonmaakmiddelen en bespreek dit met je schoonmaakbedrijf.
- Vraag leveranciers naar hun eigen duurzaamheidsbeleid en neem dit mee in je keuze.
Duurzame mobiliteit
Woon-werkverkeer en zakelijke reizen zijn bij veel organisaties een flinke bron van uitstoot. Daar valt veel te winnen:
- Stimuleer fietsen met een goede, overdekte fietsenstalling, een fietsregeling en eventueel douches en kluisjes.
- Maak reizen met het openbaar vervoer aantrekkelijk, bijvoorbeeld met een ov-abonnement of een mobiliteitsbudget.
- Zorg voor laadpunten als er elektrische auto’s zijn.
- Vervang een deel van de reizen door online overleg.
- Gebruik thuiswerken bewust: minder reisbewegingen schelen uitstoot. Let wel op het energieverbruik van een half leeg kantoor.
Duurzaamheid in de bedrijfscultuur
Regels en techniek helpen, maar zonder betrokken medewerkers blijft het effect beperkt. Duurzaam werken wordt pas gewoon als iedereen het ziet als onderdeel van het werk.
- Begin klein en zichtbaar. Een gezamenlijke actie, zoals een week zonder wegwerpbekers, maakt het onderwerp concreet.
- Stel een groen team samen van enthousiaste collega’s die ideeën ophalen en acties trekken.
- Deel resultaten: hoeveel energie of papier is er bespaard? Concrete cijfers uit je eigen organisatie motiveren.
- Vraag medewerkers om ideeën. Wie dagelijks in het pand werkt, ziet vaak waar het beter kan.
- Laat het management het goede voorbeeld geven, bijvoorbeeld bij de keuze voor de leaseauto of zakelijke reizen.
Duurzaamheid en innovatie
Technologie kan duurzaam werken makkelijker maken. Denk aan slimme gebouwbeheersystemen die verwarming, ventilatie en verlichting regelen op basis van bezetting, sensoren die laten zien welke ruimtes werkelijk gebruikt worden, en digitale werkprocessen die papier overbodig maken. Zulke data helpen ook om goed te kiezen hoeveel kantoorruimte je echt nodig hebt. Minder vierkante meters is vaak de grootste duurzaamheidswinst van allemaal. Meer ideeën over slim gebruik van ruimte en technologie lees je in het artikel over de innovatieve werkplek.
Wat kun je als werknemer zelf doen?
Je hoeft niet te wachten tot je werkgever een duurzaamheidsplan heeft. Een groot deel van de impact zit in dagelijkse gewoontes, en die heb je zelf in de hand.
- Zet je scherm en laptop in de slaapstand als je vergadert of gaat lunchen, en zet ze aan het eind van de dag helemaal uit.
- Doe het licht uit als je als laatste een ruimte verlaat.
- Print alleen wat je echt op papier nodig hebt.
- Neem je eigen mok, waterfles en lunchbox mee.
- Gooi afval in de juiste bak, ook als dat een paar stappen extra kost.
- Kom op de fiets of met het openbaar vervoer als dat kan, en carpool met collega’s die bij je in de buurt wonen.
- Ruim je mailbox en gedeelde mappen af en toe op. Opslag in de cloud kost ook energie, al is de winst per persoon beperkt.
- Kijk of een reis echt nodig is of dat een online overleg volstaat.
- Deel ideeën met je leidinggevende of het groene team.
Duurzaam thuiswerken
Ook thuis kun je duurzaam werken. Het energieverbruik van je thuiswerkplek komt dan op je eigen rekening, dus het loont dubbel.
- Verwarm alleen de ruimte waar je werkt en houd de deur dicht.
- Zet je werkplek bij het raam, zodat je overdag minder lampen nodig hebt.
- Gebruik een zuinig extern scherm in plaats van een oud exemplaar, en zet het uit na werktijd.
- Vermijd onnodig printen thuis; een printer die af en toe aanstaat, verbruikt relatief veel inkt en papier.
Voor werkgevers is het goed om te beseffen dat hybride werken de uitstoot niet automatisch verlaagt. Er wordt minder gereisd, maar als het kantoor op rustige dagen volledig verwarmd en verlicht blijft, verschuift het verbruik alleen. Stem kantoorgebruik en installaties dus af op de nieuwe werkpatronen.
Veelgemaakte fouten
- Alleen communiceren en niets meten. Zonder nulmeting weet je niet of je vooruitgaat.
- Grote beloftes doen zonder concrete acties. Medewerkers haken af als er na een kick-off niets gebeurt.
- Alles tegelijk willen. Kies een paar onderwerpen en maak die goed af.
- Goede spullen te snel vervangen. Een nieuw duurzaam product is vaak minder duurzaam dan het oude product langer gebruiken.
Stappenplan: zo begin je met duurzaam werken
- Maak een nulmeting. Breng het energieverbruik, het afval, het papierverbruik en de mobiliteit in kaart.
- Check de wettelijke verplichtingen: energielabel, energiebesparingsplicht en mobiliteitsrapportage.
- Pak de makkelijke maatregelen direct aan, zoals ledverlichting, slaapstand en dubbelzijdig printen.
- Kies twee of drie grotere doelen voor het komende jaar, bijvoorbeeld minder autokilometers of minder restafval.
- Betrek medewerkers en wijs per doel een eigenaar aan.
- Meet na een jaar opnieuw en stel je doelen bij.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen duurzaam werken en duurzame inzetbaarheid?
Duurzaam werken gaat in dit artikel over milieu: energie, afval, inkoop en mobiliteit. Duurzame inzetbaarheid gaat over mensen: of medewerkers gezond, gemotiveerd en productief kunnen blijven werken. De termen lijken op elkaar, maar gaan over iets anders.
Hoe maak ik mijn werkplek milieuvriendelijker?
Zet apparatuur uit of in de slaapstand als je hem niet gebruikt, print minder, gebruik een eigen mok en waterfles en scheid je afval. Kom waar het kan met de fiets of het openbaar vervoer. Zulke kleine gewoontes tellen samen flink op.
Moet mijn kantoor energielabel C hebben?
Volgens RVO moeten kantoorgebouwen vanaf 100 m² sinds 1 januari 2023 minimaal energielabel C hebben. Er gelden uitzonderingen, bijvoorbeeld als het kantoorgedeelte minder dan de helft van de totale gebruiksoppervlakte van het gebouw beslaat. Check de precieze voorwaarden op de website van RVO.
Wat is de energiebesparingsplicht?
Organisaties die per locatie jaarlijks meer dan 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m³ aardgas verbruiken, moeten energiebesparende maatregelen nemen die zich in 5 jaar of minder terugverdienen. Eens per 4 jaar rapporteer je hierover aan RVO.
Waar begin ik als klein bedrijf?
Begin bij energie: ledverlichting, apparatuur uit na werktijd en een kritische blik op verwarming. Daarna pak je papier en afval aan. Die stappen zijn eenvoudig, kosten weinig en leveren direct iets op.
